| |
Europese regelgeving |
Nihil
Terug naar inhoud 
Nationale wet- en regelgeving |
Koninklijk Besluit van 12 januari 2006 tot indiening van nieuwe modellen van aankondiging en tot wijziging van drie koninklijke besluiten tot uitvoering van de wet van 24 december 1993 betreffende de overheidsopdrachten en sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten (B.S. 27 januari 2006)
Het Koninklijk Besluit van 12 januari 2006 heeft volgende nieuwigheden ingevoerd:
A. Invoering van nieuwe aankondigingsmodellen
- voor opdrachten die enkel op Belgisch niveau
moeten worden bekendgemaakt
- voor opdrachten gelanceerd vanaf 1/2/2006
- de nieuwe aankondigingsmodellen zijn identiek aan die van toepassing op Europese opdrachten
Verschil ?
Voor de niet-Europese opdrachten moeten niet alle rubrieken van de aankondiging van de opdracht worden ingevuld, enkel een aantal verplichte velden, aangeduid met twee asterisken.
B. M.b.t. economische en financiële draagkracht van de kandidaten en inschrijvers
- kandidaten of inschrijvers kunnen zich beroepen op de draagkracht van andere entiteiten voor zover zij kunnen aantonen dat zij voor de uitvoering van de opdracht werkelijk beroep zullen kunnen doen op de noodzakelijke middelen die deze entiteiten ter beschikking stellen ()
- dezelfde bepaling is van toepassing op de combinaties van kandidaten of inschrijvers voor de draagkracht van de deelnemers aan de combinatie en van andere entiteiten die daar geen deel van uitmaken.
C. Bekendmaking
- De bekendmaking van de aankondiging in het
Bulletin der Aanbestedingen geschiedt kosteloos voor zover de gegevens
on line kunnen worden ingevoerd (bijv. via elektronische
gegevensopvang)
- De bekendmaking van aankondigingen
overgemaakt per brief, telefax of e-mail blijft betalend
- Om de voordelen die de middelen inzake e-procurement bieden op vlak overheidsopdrachtenprocedures (o.a. de snelle verspreiding van informatie naar de ondernemerswereld) zal het Bulletin der Aanbestedingen elke werkdag worden gepubliceerd.
D. Weging gunningscriteria
- Voor opdrachten die de Europese drempels
hebben bereikt moeten de gunningscriteria worden gewogen.
- Ook de gunningscriteria voor opdrachten gegund bij onderhandelingsprocedure met bekendmaking die het bedrag voor Europese bekendmaking hebben bereikt, moeten worden gepondereerd.
Cfr. arresten Ballast Nedam en art. 47, 2 en 3 Richtlijnen 2004/18/EG.
4-delige cyclus opleidingen overheidsopdrachten |
EBP stelt u graag zijn 4-delige cyclus opleidingen overheidsopdrachten voor. Deze volledige cyclus komt tot stand in samenwerking met de heer C. Geldhof, lid van een Federale Overheidsdienst.
Het programma van de verschillende vormingen vindt u hieronder. De dagindeling van de verschillende modules is gelijklopend, van 09.00 uur tot 16.30 met lunch en koffiepauzes inbegrepen.
U kunt inschrijven op de volledige cyclus, of enkel de opleiding volgen die u op dit ogenblik het meeste interesseert.
Ontdek de 4 modules van de cyclus die wij u voorstellen :
- In première ! De nieuwe wet overheidsopdrachten ! NIEUW
- De uitvoeringsregels m.b.t. overheidsopdrachten. NIEUW
- Hoe haalt u het maximum uit uw onderhandelingsprocedures ?
- Hoe een goed en coherent lastenboek opstellen ?
? 1. In Première ! De nieuwe wet overheidsopdrachten ! |
Zoals u weet werden begin dit jaar nieuwe EU-Richtlijnen overheidsopdrachten van kracht. Deze nieuwe richtlijnen veranderen de aanbestedingspraktijk grondig. De Commissie Overheidsopdrachten is druk doende om al de elementen uit deze richtlijnen te vertalen naar Belgische Wetgeving. Het volledig pakket dient immers niet later dan eind januari 2006 in voege te treden !
- Wie is (nog) onderworpen aan de wet overheidsopdrachten en wie niet?
- Wat is het verschil tussen een aanbestedende overheid, een aanbestedende dienst en een overheidsbedrijf?
- Bent u een opdrachtencentrale?
- Wat is een dynamisch aankoopproces?
- Kan een levering een promotie overeenkomst zijn?
- Wie mag u uitsluiten om dwingende redenen van algemeen belang?
- De looptijd van uw opdrachten. Beperkt tot vier jaar?
- Moet u nu de weging van uw gunningscriteria publiceren, ja of neen?
- Sociale en ethische overwegingen. Mogelijke gunningscriteria?
- Wat is de competitieve dialoog ?
- Prestatie-eisen ipv functionele normen!
- Onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking bij onregelmatige offertes, wie moet u uitnodigen?
- Kan u kopen uit een failissement?
- Onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking, aanvullende leveringen: regeling wijzigt!
- ...
“Grote pluspunt is dat het zeer praktisch geörienteerd is, geen nutteloze theorie.”
Jean-Marc Glierieck, Jurist, Vlaamse Landmaatschappij
? 2. De uitvoeringsregels m.b.t. overheidsopdrachten |
Het voeren van een overheidsopdracht stopt niet bij de toewijzing aan één van de inschrijvers! Een vlot en correct management van de opdracht tijdens de uitvoering stelt zowel het bestuur als de inschrijver in staat de opdracht tot een goed einde te brengen. De wet op de overheidsopdrachten regelt deze materie tot op hoog niveau.
Doel van de opleiding is de met deelnemers het volledige spectrum van uitvoeringsregels te doorlopen. Daarbij ligt het accent op de praktische implicaties voor het bestuur. Het seminarie geeft dus niet alleen een compleet overzicht van de regelgeving, maar geeft de deelnemers vooral ook een concreet bruikbare bagage om hun opdrachten tot een goed einde te brengen!
- Wat zijn de Algemene Uitvoeringsregels?
- Wat zijn de Algemene Aannemingsvoorwaarden.
- Wanneer zijn de Algemene Aannemingsvoorwaarden van toepassing?
- Wat zijn de taken en verplichtingen van de Leidend Ambtenaar?
- Wijzigingen van de opdracht, hoe moeten deze behandeld worden?
- Welke keuringen zijn mogelijk en hoe moeten ze verlopen?
- Hoe moet het bestuur omgaan met klachten en verzoeken?
- Hoe en wanneer gebeuren de opleveringen?
- Wat met onderaannemers?
- Welke zijn de betalingsmodaliteiten?
- Wanneer zijn prijsherzieningen mogelijk?
- Welke zijn de rechten van de aanbestedende overheid ten opzichte van de borgtocht?
- Hoe verlopen schadevergoedingen tijdens de uitvoering?
- Welke zijn de middelen van optreden voor de overheid?
- Hoe verlopen deze middelen van optreden in de praktijk?
- Case Study
? 3. Hoe haalt u het maximum uit uw onderhandelingsprocedures? |
Als aankoopprocedure is de onderhandelingsprocedure een godsgeschenk. Enkel
door middel van een onderhandelingsprocedure kan u het flexibel en dynamisch aankoopbeleid van een privé-onderneming benaderen.
Vraag is of u en uw bestuur de mogelijkheden van deze gunningswijze optimaal benutten ! Te vaak wordt gekozen voor een offerteaanvraag of zelfs een aanbesteding, terwijl een rechtmatig gebruik van de onderhandelingsprocedure, al dan niet met bekendmaking, mogelijk is. Deze procedure is immers de enige waarbij u er, door een correct gebruik, vrij zeker van kan zijn dat uw bestuur de "beste" koop doet.
- Definities en publicatieverplichtingen.
- Optimaal toepassen van de onderhandelingsprocedures.
- Hoe selecteer ik de kandidaten voor de onderhandelingen?
- Wat is de competitieve dialoog ? (nieuw uit de EU-richtlijnen)
- Gebruik van de onderhandelingsprocedure in de praktijk aan de hand van praktische voorbeelden.
- Gebruik van de onderhandelingsprocedure in de praktijk aan de hand uitzonderingsgevallen
- De gunningscriteria – een dynamisch gegeven?
- Welk onderhandelingsmarge heeft u?
- Controle van de prijzen en conformiteit van de offertes.
- Welke delen van de Algemene Aannemingsvoorwaarden zijn van toepassing?
- De gunning van een onderhandelingsprocedure.
- Wat zijn uw informatieverplichtingen en de inhoud van de gemotiveerde beslissing.
- Raamovereenkomsten : wat zijn het ? Hoe gaat u er mee om ? (nieuw uit de EU-richtlijnen)
- Besluit en vragen.
“Zeer goede lesgever. Zeer visueel gesteld. Zeer duidelijk en getoetst aan de praktijk.”
Patricia Verpoten, Administratief medewerker, OCMW Lier
? 4. Hoe een goed en coherent lastenboek opstellen ? |
Een gebrekkig lastenboek hypothekeert de correcte toewijzing en de
succesvolle uitvoering van uw overheidsopdrachten ! De kwaliteit van uw
lastenboek heeft een directe impact op de mate waarin u succesvol uw
overheidsopdracht zal kunnen toewijzen en probleemloos uitvoeren.
Doel van de vorming is de deelnemers bij de opmaak van een lastenboek te leiden door de relevante delen van de reglementering op de overheidsopdrachten. Het is geenszins de bedoeling een juridisch-technische analyse van de wetgeving te brengen, doch wel de dagelijkse praktijk te behandelen en kant-en-klare oplossingen aan te reiken. Zodoende willen we voorkomen dat gebrekkige lastenboeken de oorzaak zijn van moeilijkheden bij de toewijzing en de uitvoering van een overheidsopdracht.
- Behoeftebepaling, marktprospectie en budgetplanning.
- Hoe zorg ik voor een aangepaste mededinging ?
- Wat is een dynamisch aankoopproces ? (nieuw uit de EU-richtlijnen)
- Gevolgen van de keuze van uw gunningswijze ! Wat is de competitieve dialoog ? (nieuw EU-richtlijnen)
- Maximaliseer de selectie- en gunningscriteria. Vermelding van de weging ! (nieuw uit de EU-richtlijnen)
- De gemeenschappelijke woordenschat overheidsopdrachten of CPV (nieuw uit de EU-richtlijnen)
- Het lastenboek stap voor stap opstellen.
- Het administratief lastenboek : wat niet te vergeten ?
- Het technisch lastenboek : samenstelling en structuur.
- Impact van essentiële eisen, het gebruik van normen.
- Hoe, wanneer en waarom afwijken van de A.A.V. ?
- Het inschrijvingsbiljet en de meetstaat.
- Wat met prijsopgave, borgtocht en betaling ?
- Raamovereenkomsten : wat zijn het ? Hoe gaat u er mee om ? (nieuw uit de EU-richtlijnen)
- Hoe omgaan met variantes en vrije variantes ?
- Welke leverings- en opleveringsmodaliteiten opnemen ?
- Vergissingen en leemtes opvangen.
- Het gebruik van de talen in overheidsopdrachten.
- Gevallenstudie : de opmaak van uw lastenboek (groepswerk).
“Ideale formule !”
Patrick Acke, Directie Aankopen, FOD Binnenlandse Zaken
Rechtspraak |
? H.v.J., 20 oktober 2005, Europese Commissie t/ Frankrijk, zaak C-264/03 |
- Overheidsopdracht voor aanneming van diensten
- Vrij verrichten van diensten – Principe van
non-discriminatie – Artikel 49 EG-verdrag
- Toepasselijkheid van de bepalingen van het
EG-Verdrag op overheidsopdrachten die buiten de werkingssfeer van de
overheidsopdrachtenrichtlijn vallen
- Niet-toepasselijkheid artikel 49 EG op
werkzaamheden ter uitoefening van het openbaar gezag
- Gedelegeerde opdrachtgeving - Door delegatie wordt niet noodzakelijk openbaar gezag overgedragen
1. Toepasselijkheid van de bepalingen van het EG-Verdrag op overheidsopdrachten die buiten de werkingssfeer van de overheidsopdrachtenrichtlijn vallen
Ook al zijn bepaalde overeenkomsten van de werkingssfeer van de communautaire richtlijnen op het gebied van het plaatsen van overheidsopdrachten uitgesloten, zijn de aanbestedende diensten die deze overeenkomsten sluiten niettemin gehouden om de fundamentele regels van het Verdrag, met name het verbod van discriminatie op grond van nationaliteit, in acht te nemen().
2. Vallen overeenkomsten waarbij de opdrachtgever taken delegeert die een functie van vertegenwoordiging van de opdrachtgever inhouden, onder toepassing van de overheidsopdrachtenrichtlijn?
De personen die gedelegeerd opdrachtgever kunnen zijn, kunnen worden beschouwd als „dienstverleners” in zoverre de taken die hun door delegatie van de bevoegdheden van de opdrachtgever overeenkomen met de verrichting van diensten in de zin van het gemeenschapsrecht.
Met betrekking tot overeenkomsten waarbij de opdrachtgever taken delegeert die een vertegenwoordigende functie omvatten, moet worden opgemerkt dat de omstandigheid dat een dienst wordt verricht ter uitvoering van een dergelijke overeenkomst, niet volstaat om deze van de werkingssfeer van dienstenrichtlijn uit te sluiten.
In casu bleek dat de in geding zijnde delegatie niet slechts een overeenkomst is waarmee de gedelegeerde zich ertoe verbindt, de opdrachtgever te vertegenwoordigen, maar zich uitstrekte tot enerzijds ondersteunende diensten van administratieve en technische aard en anderzijds vertegenwoordiging van de opdrachtgever.
Met betrekking tot de vraag of de vertegenwoordigende functie niet los kan worden gezien van de handelingen die de gedelegeerde voor rekening van zijn opdrachtgever verricht, merkt het Hof van Justitie op dat het alleszins mogelijk is deze verschillende taken te scheiden. Ook verzet niets zich ertegen dat voor deze taken eventueel verschillende regelingen gelden.
3. Door delegatie wordt niet noodzakelijk openbaar gezag overgedragen
Ingevolge de artikelen 45, eerste alinea, EG en 55 EG is artikel 49 EG niet van toepassing op werkzaamheden ter uitoefening van het openbaar gezag, zelfs indien deze slechts voor een bepaalde gelegenheid geschieden.
Wordt door delegatie openbaar gezag overgedragen? Dit veronderstelt dat de opdrachtgever door de uitoefening van de betrokken bevoegdheden rechtstreeks deelneemt aan de uitoefening van het openbaar gezag.
Er werd in casu niet het bestaan aangevoerd van omstandigheden waarin de aanbestedende dienst de leiding heeft over een structuur van „intern” beheer van een openbare dienst in de zin van de rechtspraak van het Hof (). Niets wettigt in casu de veronderstelling dat de opdrachtgever op de gedelegeerde hetzelfde toezicht uitoefent als op zijn eigen diensten en dat de opdrachtnemer tegelijkertijd het merendeel van zijn werkzaamheden verricht met het overheidsorgaan of de overheidsorganen waardoor hij gecontroleerd wordt ().
In casu handelde de gedelegeerde, ofschoon hij bevoegd was om in naam van de opdrachtgever de overeenkomst met de uitvoerder en de aannemingsovereenkomst te ondertekenen, bij het verrichten van die handelingen onvoldoende zelfstandig om te kunnen concluderen dat openbaar gezag is overgedragen.
Bij de taken van administratieve en technische bijstand, zoals de vaststelling van de administratieve en technische voorwaarden waaronder een bouwwerk zal worden gepland en uitgevoerd, gaat het om dienstverrichtingen in de zin van de richtlijn diensten en neemt de opdrachtnemer niet deel aan de uitoefening van het openbaar gezag.
Zie in die zin de arresten van 7 december 2000, Telaustria en Telefonadress, C-324/98 (Jurispr. blz. I-10745, punt 60) en 18 juni 2002, HI, C-92/00 (Jurispr. blz. I-5553, punt 47), de beschikking van 3 december 2001, Vestergaard, C-59/00 (Jurispr. blz. I-9505, punt 20); het arrest van 21 juli 2005, Coname, C-231/03, nog niet gepubliceerd in de Jurisprudentie, punt 16.
Zie in die zin arrest van 18 november 1999, Teckal, C-107/98, Jurispr. blz. I-8121, punt 50, en arrest Coname, reeds aangehaald, punt 26.
Zie in die zin arrest van 11 januari 2005, Stadt Halle en RPL Lochau, C-26/03, Jurispr. blz. I-1, punt 49.
? Hof van Justitie, 9 februari 2006 (La Cascina en Zilch), gevoegde zaken C-226/04 en C-228/04 - Dienstenopdracht –
Verplichtingen van dienstverleners – Betaling van sociale zekerheidsbijdragen en belastingen |
Artikel 29, eerste alinea, sub e en f, van de richtlijn 92/50/EEG van 18 juni 1992 betreffende de coördinatie van de procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten voor dienstverlening, verzet zich niet tegen een nationale regeling of een nationale bestuurspraktijk volgens welke een dienstverlener die bij het verstrijken van de termijn voor indiening van de aanvraag tot deelneming aan de opdracht niet aan zijn verplichtingen inzake sociale zekerheidsbijdragen en belastingen heeft voldaan door volledige betaling van het overeenkomstige bedrag, naderhand zijn situatie kan regulariseren:
- op grond van door de overheid vastgestelde
fiscale amnestie- of clementiemaatregelen, of
- op grond van een administratieve regeling tot
spreiding of verlichting van de schulden, of
- door instelling van een administratief beroep of beroep in rechte,
op voorwaarde dat hij binnen de door de nationale regeling of de nationale bestuurspraktijk vastgestelde termijn aantoont dat hij voor dergelijke maatregelen of een dergelijke regeling in aanmerking is gekomen, of dat hij binnen deze termijn een dergelijk beroep heeft ingesteld.
? Hof van Justitie, 6 april 2006, Associazione Nazionale Autotrasporto Viaggiatori (ANAV) t/ Comune di Bari, C-410/04 - Vrij verrichten van diensten – Lokale openbare vervoerdienst – Gunning zonder aanbesteding – Gunning door
overheidslichaam aan onderneming waarvan kapitaal in zijn handen is |
AMTAB Servizio is een vennootschap op aandelen waarvan het maatschappelijk kapitaal volledig in handen is van de Comune di Bari en waarvan de enige activiteit bestaat in de verrichting van een openbaarvervoerdienst op het grondgebied van die gemeente. Deze vennootschap staat volledig onder toezicht van de Comune di Bari.
Bij besluit van 18 december 2003 heeft de Comune de openbare vervoerdienst voor de periode van 1 januari 2004 tot en met 31 december 2012 rechtstreeks aan AMTAB Servizio gegund.
Tegen deze beslissing werd door de Associazione Nazionale Autotrasporto Viaggiatori (ANAV) een beroep tot nietigverklaring ingesteld, op grond dat deze in strijd zou zijn met het gemeenschapsrecht.
Het Tribunale amministrativo regionale per la Puglia heeft het Hof van Justitie de prejudiciële vraag gesteld of het gemeenschapsrecht, in het bijzonder de verplichtingen tot transparantie en vrije mededinging bedoeld in de artikelen 43 EG, 49 EG en 86 EG, zich verzet tegen een nationale regeling die geen enkele beperking stelt aan de keuzevrijheid van een overheidslichaam tussen de verschillende vormen van gunning van een openbare dienst, in het bijzonder tussen de gunning via een openbare aanbestedingsprocedure en de rechtstreekse gunning aan een vennootschap waarvan het kapitaal volledig in handen is van dat lichaam.
Weliswaar onder verwijzing naar de principes vastgelegd in de arresten Commissie/Oostenrijk (arrest van 10 november 2005, C-29/04), Stadt Halle en RPL Lochau (arrest van 11 januari 2005, C-26/03) en Parking Brixen (arrest van 13 oktober 2005, Parking Brixen, C-458/03) heeft het Hof van Justitie voor recht verklaard dat de artikelen 43 EG, 49 EG en 86 EG alsmede de beginselen van gelijke behandeling, non-discriminatie op grond van nationaliteit en transparantie zich niet verzetten tegen een nationale regeling op grond waarvan een overheidslichaam een openbare dienst rechtstreeks kan gunnen aan een vennootschap waarvan het kapitaal volledig in zijn handen is, op voorwaarde dat het overheidslichaam op die vennootschap toezicht uitoefent zoals op zijn eigen diensten en die vennootschap het merendeel van haar werkzaamheden verricht ten behoeve van het lichaam dat haar beheerst.
? Hof van Cassatie, 16 februari 2006 – Verjaring van schuldvorderingen – Bijzondere verjaringstermijn van 5 jaar voor schuldvorderingen ten laste van de Staat – Deze verjaringstermijn wordt niet gestuit door het instellen van een
verzoekschrift tot nietigverklaring bij de Raad van State |
Volgens artikel 100, eerste lid, 1°, van het koninklijk besluit van 17 juli 1991 houdende coördinatie van de wetten op de Rijkscomptabiliteit, zijn verjaard en vervallen voorgoed ten voordele van de Staat, de schuldvorderingen waarvan de op wettelijke of reglementaire wijze bepaalde overlegging niet is geschied binnen een termijn van vijf jaar te rekenen vanaf de eerste januari van het begrotingsjaar in de loop waarvan zij zijn ontstaan.
Overeenkomstig die bepaling neemt deze bijzondere verjaringstermijn voor schuldvorderingen op de Staat een aanvang op de eerste januari van het begrotingsjaar waarin de schuldvordering is ontstaan.
Behoudens andersluidende wettelijke bepalingen, geldt die vijfjarige verjaringstermijn in de regel voor alle schuldvorderingen ten laste van de Staat.
In geval van een onrechtmatige overheidsdaad, komt in de regel de schuldvordering tot stand op het ogenblik waarop de schade ontstaat of waarop haar toekomstige verwezenlijking, naar redelijke verwachting, vaststaat.
De omstandigheid dat de omvang van de schade op dat tijdstip nog niet precies vaststaat, doet hieraan geen afbreuk.
Krachtens artikel 101 van het koninklijk besluit van 17 juli 1991 houdende coördinatie van de wetten op de Rijkscomptabiliteit, wordt de verjaring gestuit door een gerechtsdeurwaardersexploot alsook door een schulderkenning van de Staat.
Het instellen van een rechtsvordering schorst de verjaring totdat een definitieve beslissing is gewezen.
Uit de wetsgeschiedenis van dit artikel blijkt dat onder gerechtsdeurwaardersexploot dient te worden verstaan een gerechtsdeurwaardersakte tot ingebrekestelling of een dagvaarding.
Een voor het gerecht bij dagvaarding ingestelde vordering gegrond op een schuldvordering ten laste van de Staat, stuit de verjaring en schorst deze totdat een definitieve beslissing is gewezen.
Artikel 2244 van het Burgerlijk Wetboek dat op de stuiting betrekking heeft, is niet van toepassing daar in de specifieke bepalingen van artikel 101 voorzien is in de stuiting en de schorsing van de verjaring van schuldvorderingen ten laste van de Staat.
Het door de rechtszoekende bij de Raad van State ingesteld beroep tot nietigverklaring is een objectief beroep dat niet de bescherming van een subjectief recht beoogt, maar heeft een legaliteitscontrole van de akten en de reglementen van de administratieve overheden tot voorwerp en is gericht op het herstel van de wettigheid.
Het verzoekschrift tot nietigverklaring heeft niet tot voorwerp een schadevergoeding wegens onwettig handelen van de overheid te verkrijgen. Dergelijk verzoekschrift moet niet ingesteld worden vooraleer de gelaedeerde bij de burgerlijke rechter een vordering tot schadeloosstelling aanhangig maakt.
Het verzoekschrift tot vernietiging van een administratieve handeling voor de Raad van State stuit of schorst de verjaring niet van het recht om voor een burgerlijke rechtbank schadevergoeding te vorderen gegrond op een onrechtmatige overheidsdaad.
[volgt verwerping van het cassatieberoep]
? R.v.St. (Algemene Vergadering), nr. 152.173, 2 december 2005, NV Labonorm, TGEM 2006/1, 50-52 met noot A. Coolsaet – Overheidsopdrachten – Voorbeslissing - Ontvankelijkheid van het beroep bij de Raad van State – Mogelijkheid om onregelmatigheden van de voorbeslissing ook aan te voeren in het beroep tegen de eindbeslissing |
“2. De ontvankelijkheid.
Overwegende dat de verwerende partij [= aanbestedende overheid] in een exceptie opwerpt dat het beroep niet ontvankelijk is bij gebrek aan ontvankelijke middelen; dat zij daartoe betoogt dat de verzoekende partij heeft nagelaten de nietigverklaring te vorderen van de beslissing waarbij het bestek werd vastgesteld hoewel de vereiste van het bezit van een ISO-9002 certificaat haar uitsloot van de toewijzing van de opdracht en dat zij in die omstandigheid de eventuele onrechtmatigheid van die besteksbepaling niet meer op ontvankelijke wijze mag inroepen ter ondersteuning van haar annulatieberoep tegen de door haar bestreden beslissingen;
Overwegende dat de verzoekende partij daartegen in haar laatste memorie betoogt dat zij inderdaad de beslissing tot vaststelling van de voormelde besteksbepaling had kunnen aanvechten, dat zij daartoe echter niet verplicht was en dat zij de onrechtmatigheid ervan nog mag aanvoeren in middelen, gericht tegen beslissingen zoals de bestreden beslissingen, ook al is de termijn verstreken waarbinnen de beslissing zelf om het bestek vast te stellen bestreden kan worden;
Overwegende dat de beslissing om een bestek of bepalingen ervan vast te stellen, door een potentiële of effectieve inschrijver bij een overheidsopdracht mag worden aangevochten met een beroep tot nietigverklaring, en in voorkomend geval met een vordering tot schorsing, ingeval die beslissing, hoewel zij voorbereidend is ten opzichte van de uiteindelijke beslissing tot toewijzing van die opdracht, ten aanzien van die inschrijver niet verschijnt als een louter voorbereidende beslissing maar als een “voorbeslissing”, omdat ze voor die inschrijver definitieve rechtsgevolgen heeft; dat zulks onder meer het geval is indien zij die inschrijver uitsluit van elke kans tot deelname aan de opdracht en zodoende op toewijzing, en wat hem betreft dan ook onmiddellijk grievend is; dat dit te dezen het geval was, nu de verzoekende partij, gegeven de besteksbepaling die een ISO-9002 certificaat oplegde waarover zij niet beschikte, zich eraan kon verwachten dat haar offerte zou worden geweerd en de opdracht niet aan haar zou worden toegewezen;
Overwegende dat de mogelijkheid om onmiddellijk een beroep tot nietigverklaring en een vordering tot schorsing in te stellen tegen de beslissing om het bestek vast te stellen, niet wegneemt dat de onrechtmatigheden die een inschrijver aan een besteksbepaling verwijt, ook nog op ontvankelijke wijze mogen worden ingeroepen tegen latere beslissingen in het kader van de gunningsprocedure; dat de verzoekende partij derhalve tot staving van haar beroep tegen de bestreden beslissingen de onwettigheid mag inroepen van het bestek, zelfs indien zij de beslissing tot vaststelling van het bestek als zodanig niet heeft aangevochten bij de Raad van State;
Overwegende dat de exceptie van niet-ontvankelijkheid derhalve wordt verworpen”
? R.v.St., nr. 153.778, 17 januari 2006, NV Glaxo-Smith-Kline, CDPK 2006/1, 195-196 – Overheidsopdrachten – Motivering – Verwijzing naar rangschikking aan de hand van ICT-tools – Rangschikking ook op andere manier verantwoord
|
“3.2.3. Overwegende dat in een derde onderdeel de verzoekende partij betoogt dat de materiële motiveringsplicht, die veronderstelt dat de inschrijver duidelijk inzage wordt verstrekt omtrent de motieven die aan de grondslag liggen van het feit dat zijn offerte niet werd uitgekozen, geschonden is nu bij de rangschikking tussen de inschrijvers inzake de individuele gunningscriteria alsook betreffende de uiteindelijke rangschikking gebruikt is gemaakt van het systeem Argus, het softwareprogramma Achieving Respect for Grades by Using Ordinal Scales, terwijl het resultaat van die methode in het gunningsvoorstel, waarnaar de bestreden beslissing verwijst en waarvan de motivering en conclusie volgens die beslissing integraal gevolgd kan worden, ten onrechte als een op zich voldoende motivering van de globale rangschikking werd aangezien, […];
Overwegende dat met de verwerende partij [= aanbestedende overheid] mag worden aangenomen dat het onderdeel prima facie feitelijke grondslag mist nu de motivering van het gunningsvoorstel niet beperkt is tot een verwijzing naar het resultaat van de Argusmethode, maar voor elk gunningscriterium in de eerste plaats een geschreven beoordeling wordt gegeven met vermelding van wat beoordeeld werd met telkens een korte motivering; dat het in het kader van een procedure bij uiterst dringende noodzakelijkheid volstaat vast te stellen dat los van de Argusmethode uit het gunningsvoorstel blijkt dat de tussenkomende partij voor elk perceel beter scoort dan de verzoekende partij op de eerste drie van de vier gunningscriteria terwijl de beide betrokken inschrijvers dezelfde score behalen op het vierde en minst belangrijk geachte gunningscriterium en om welke redenen; dat de verzoekende partij, die geen van deze beoordelingen inhoudelijk betwist, aldus niet aantoont waarom desondanks de beslissing “geen duidelijke inzage zou verstrekken omtrent de motieven die aan de grondslag liggen van het feit dat haar offerte niet werd uitgekozen”.
? R.v.St., nr. 139.885, 27 januari 2005, BVBA Verheye – Overheidsopdrachten - Kort geding – Uiterst dringende
noodzakelijkheid – Geen inschrijvingsprijs op offerteformulier, wel op opmetingsstaat (TBP 2006/4, 236) |
“Overwegende dat te dezen dient te worden vastgesteld dat aan de verzoekende partij in de voormelde brief van 23 december 2004 enkel wordt meegedeeld dat haar offerte “als niet regelmatig werd beschouwd”; dat in de bestreden beslissing sprake is van de “onregelmatigheid” van de offerte en van haar “vormelijke” onregelmatigheid;
dat het weren ervan blijkbaar steunt op het enige motief dat “door het ontbreken van de prijs op het offerteformulier geen (juridische zekerheid omtrent de) verbintenis is” van de verzoekende partij; dat inderdaad niet lijkt te worden betwist dat de offerte niet is opgesteld overeenkomstig artikel 96, § 3, van het meervermelde besluit van 8 januari 1996, volgens welke bepaling de inschrijver de samenvattende opmetingsstaat ondertekent, hem bij zijn offerte voegt “waarin hij het totale bedrag van de opmetingsstaat opgeeft”;
dat, ongeacht het feit of de offerte nu geweerd werd wegens substantiële of relatieve onregelmatigheid, de ondertekende opmetingsstaat niet alleen de eenheidsprijs in cijfer- en letterschrift per post bevat, met een totaalprijs per post, maar ook een totaalprijs voor de opdracht, zonder doorhalingen, overschrijvingen, aanvullingen of wijzigingen, die blijkens het proces-verbaal van de opening der offertes werd voorgelezen zonder dat daarover een opmerking werd opgenomen in het proces-verbaal;
dat alhoewel het verzuim, de inschrijvingsprijs op het offerteformulier zelf te vermelden, op zijn minst een relatieve onregelmatigheid lijkt te vormen wordt te dezen in de huidige stand van de procedure niet aangetoond waarom die omstandigheid toch een juridische onzekerheid meebrengt over de verbintenis van de verzoekende partij ter zake, de reden waarom deze onregelmatigheid blijkbaar geleid heeft tot het weren van haar offerte;
dat de gegeven prijs immers ondubbelzinnig uit de ondertekende opmetingsstaat lijkt te kunnen worden afgeleid en werd voorgelezen;
dat het argument dat de gegevens van de opmetingsstaat, blijkens artikel 96, § 5, van het meervermelde besluit alleen gelden als eenvoudige aanwijzingen en slechts kunnen worden ingeroepen als aanvulling, indien nodig, van onvolkomenheden van het bestek en van de goedgekeurde tekeningen, niet overtuigend lijkt, aangezien die bepaling veeleer de voorrangsregels voor de interpretatie sensu lato, door het bestuur, van de bestekdocumenten lijkt te betreffen;
dat aldus de materiële motivering zoals vereist bij het uitoefenen van de in artikel 110, § 2, bepaalde bevoegdheden niet deugdelijk lijkt; dat de offerte van verzoekende partij dienvolgens met schending van dat beginsel en die bepaling lijkt te zijn geweerd;
dat meteen ook de rechtmatigheid van de beslissing niet meer lijkt vast te staan in zoverre zij de opdracht toewijst”.
[volgt schorsing]
? R.v.St., nr. 137.788, 30 november 2004, NV Syncera – Overheidsopdrachten - Kort geding – Uiterst dringende
noodzakelijkheid – Intrekking offerte met fax (TBP 2006/4, 228) . |
Overwegende dat te dezen noch de aankondiging noch het bestek vermelden dat de offertes via elektronische middelen kunnen worden opgesteld en/of verzonden zoals vereist in het voormelde artikel 81quater, §1, tweede lid;
dat evenmin blijkt dat er een schriftelijk akkoord is in de zin van artikel 81quater, §1, vierde lid, tussen de aanbestedende overheid en de verzoekende partij over het opstellen/verzenden van hun schriftelijke stukken via elektronische middelen;
dat hieruit lijkt te moeten worden afgeleid dat voor de intrekking van de offerte geen gebruik mocht worden gemaakt van elektronische middelen zodat om die reden alleen al de voorwaarde van bevestiging per aangetekende brief van een intrekkingstelefax in artikel 105, §2, 2/, eerste zinsdeel, blijft gelden en dat het bestuur terecht oordeelde dat de intrekking van de eerste offerte niet regelmatig was;
Overwegende voorts dat aldus het argument, dat de intrekkingstelefax ontvangen is en dus aan de finaliteit van de artikelen 81ter en 105, §2, is voldaan niet relevant lijkt; dat de voorwaarde van de bevestiging immers geen zin zou hebben indien het feit zou volstaan dat de telefax tijdig is ontvangen.
[volgt verwerping]
Terug naar inhoud 
Rechtsleer (monografieën, artikelen, rechtsgeleerde noten) |
- Coolsaet , A., “De aanvechtbaarheid van voorbereidende handelingen in het raam van de gunning van een overheidsopdracht: de knoop is doorgehakt”, noot onder R.v.St. (Algemene Vergadering), nr. 152.173, 2 december 2005, NV Labonorm, TGEM 2006/1, 50-52 .
- Cooreman, I., “De nieuwigheden inzake de offerteaanvraag”, T. Aann. 2006/1, 7-27 .
- De Koninck, C. en Van Peer, H., “De nieuwe overheidsopdrachtenrichtlijnen en de aanwending van raamovereenkomsten”, C.D.P.K. 2006/1, 56-66 .
- Deom, M., “Les contrats entre personnes de droit public sont en principe soumis à la réglementation des marchés publics”, Rev. dr. commun. 2005/5, 31,
noot onder H.v.J. 11 januari 2005 (Stadt Halle).
- Deom, M., “Quelques précisions sur la notion de pouvoir adjudicateur, dans le contexte d’initiatives commuinales dans le dommaine immobilier”, Rev. dr. commun. 2005/5, 24-26, noot onder H.v.J. 22 mei 2003 (Korhonen e.a.).
- Flamme , M-A. en Ph., “La chasse aux dérogations injustifiées au Cahier général des charges”, T. Aann. 2006/1, 28-31 .
- Martens, B. en De hornois K., Overheidsopdrachten. Praktisch handboek voor de ondernemer, UGA, 2005, 197 p. (inhoudsopgave bijgevoegd als bijlage 14/1)
- Verbiest, D., “Overheidsopdrachten in de Raad van State: de dingen zijn niet wat ze schijnen”, R.W. 2005-2006, 874-880 .
Terug naar inhoud 
Diverse publicaties |
- Groen kopen! Een handboek inzake milieuvriendelijke overheidsopdrachten , Europese Commissie, Brussel, 2005.
Terug naar inhoud 
Hoe een correct lastenboek opmaken? |
Als aankoper weet u dat het maken van een correct lastenboek steeds een uitdaging en een tijdrovende bezigheid is.
Daarom wil www.lastenboeken.be, een initiatief van EBP, u een bibliotheek van voorbeeld-lastenboeken aanbieden.
Het opzet bestaat erin dat zoveel mogelijk aankopers hun bestekken naar ons toesturen.
Wij zetten deze on-line en de collega-aankopers kunnen ze daar dan bij wijze van voorbeeld gratis downloaden.
Lastenboeken.be is een toepassing voor u, maar kan slechts werken door u. Wij vragen u daarom uw lastenboeken aan ons door te sturen. Zodoende kan u binnenkort op uw beurt gaan grasduinen, op zoek naar, "door uw collega-aankopers gebruikte" lastenboeken.
Voor elk bestek(*) dat u ons toestuurt, ontvangt u 1 "ticket".
Uit alle inzendingen wordt op het einde van elke maand een winnaar getrokken. Elke maand ontvangt die winnaar (uzelf of uw bestuur) een gratis deelname voor 1 persoon aan één van onze open opleidingen
(ter waarde van 423.5 €). De agenda van onze open opleidingen vindt u steeds op onze webstek www.ebp.be (onder opleidingen voor overheden).
Hoe meer bestekken u ons toestuurt, hoe meer tickets u verzamelt en hoe meer kans dat u maakt!
Laat uw collega-aankopers gebruik maken van uw werkstukken en help hen zodoende minder tijd te moeten besteden aan hun eigen lastenboeken. Doe mee aan deze actie en zorg ervoor dat ook u er misschien nog iets aan overhoudt.
U kan uw lastenboeken eenvoudig aan ons toesturen via mail.
Hebt u vragen, dan kan u ook steeds contact opnemen met Bruno De Mulder via mail op het adres bdm@ebp.be
(*) u mag zoveel verschillende lastenboeken toesturen als u wenst;
- per taal geeft elk ander lastenboek recht op 1 ticket, maw een lastenboek in 2 talen = 2 tickets;
- enkel lastenboeken waarvan de opdracht werd gepubliceerd na 01/01/05 komen in aanmerking
Terug naar inhoud 
***
Belangrijke juridische kennisgeving - Disclaimer
Hoewel bij de realisatie van deze nieuwsbrief een zo groot mogelijke nauwkeurigheid en correctheid werd nagestreefd, kan voor de aanwezigheid van eventuele (druk)fouten, onvolkomen- en onvolledigheden niet worden ingestaan en aanvaardt EBP hiervoor geen aansprakelijkheid. De gebruiker van deze nieuwsbrief erkent en aanvaardt, door de loutere aanwending van de inhoud ervan, voormelde afwijzing van aansprakelijkheid. |
|
 |